Achtergronden van "Dat doe je gewoon..."
Op deze pagina vindt u aanvullende informatie over dit boek:
-
Het begrip mantelzorg, waar komt dat vandaan?
-
Het thematische sprookje
"De Zorgmantel".
-
De persoonlijke overwegingen van Cornelie van Well
bij het schrijven van dit boek.
Mantelzorg
Dit boek gaat over mantelzorg. Het bieden van mantelzorg is zo oud als de
mensheid, maar het begrip mantelzorg is pas gebruikt door Prof.dr. J.C.M.
Hattinga Verschure in zijn boek: “Het verschijnsel mantelzorg.” Hij gebruikte
deze term als een derde vorm, naast professionele zorg en zelfzorg, van
zorgverlening. Mantelzorg: een warme mantel van zorg en liefde die om je heen
zit, noemt hij het in zijn boek. Maar voor wie is die mantel bedoeld en wie
reikt die mantel aan?
Op deze twee vragen krijgt u voldoende antwoorden tijdens het lezen van de
zeventien levensverhalen die in dit boek beschreven zijn.
De Zorgmantel
In het afsluitende hoofdstuk "Mantelzorg, is het wel zo gewoon?" komen
fragmenten voor uit het thematische sprookje "De Zorgmantel". Dit sprookje
heeft Irene Bakker (zij schrijft onder de naam Irina) speciaal geschreven voor
mantelzorgers. De LOT en andere organisaties gebruiken dit sprookje bij de
begeleiding van mantelzorgers.
Hier een fragment uit "De Zorgmantel" (foto: Irene tijdens de uitreiking van het
eerste exemplaar, 29 mei 2002):
...Af
en toe kwam er ziekenbezoek. Ze beklaagden haar moeder, lieten zich koffie en
thee voorzetten of ze aten gezellig een hapje mee, zodat er nog meer werk voor
de prinses was. Ze kwamen voor de koningin, en verder hadden ze geen aandacht
voor de prinses. Ja, soms zei iemand dat ze zo'n mooie mantel had en dat hij
haar zo prachtig stond. Maar als ze dan vroeg of ze hem wilde passen en hem een
poosje van haar wilden overnemen, zodat ze naar haar paleis en kinderen kon,
dan mompelden ze iets over de kleur die hen niet stond of dat het model hen dik
maakte. En vervolgens bedankten ze haar voor de eer en vertrokken weer zo snel
mogelijk.
Meer over het sprookje "De Zorgmantel" en andere verhalen van Irene vindt u
op de website van Irina: www.irinasprookjes.nl
Persoonlijke overwegingen bij het schrijven van dit
boek
Voor mij persoonlijk was de reden het overlijden van mijn moeder op 25 november
2000. Zij was al jaren hulpbehoevend en haar laatste levensjaar heeft ze in
comateuze toestand volledig op bed doorgebracht. Haar man Frans (aan wie dit
boek is opgedragen) heeft jaren lang mijn moeder zeven dagen in de week, 24 uur
per dag, verzorgd. In de periode dat mijn moeder op bed verzorgd werd is de
thuiszorg ingeschakeld. Zij kwamen in de ochtend tussen negen en elf uur langs
en in de avond na acht uur. Dat betekende dat er vele uren gewacht werd op de
thuiszorg. Niets dan lof voor hen, want als ze er waren zorgden ze met respect
voor mijn moeder. Frans vond het moeilijk om een stukje verzorging uit handen
te geven, want, zo zei hij vaak, “je zorgt in goede, maar ook in slechte tijden
voor elkaar.” Nadat mijn moeder overleden was kon hij eindelijk zijn grote
hobby, het houden van kippen, weer oppakken en gaan biljarten met vrienden,
want dat was voor hem onmogelijk te combineren met de volledige zorg voor mijn
moeder.
Een aantal thema’s die in het stukje hierboven genoemd zijn komen in vele
verhalen voor. De moeite om de verzorging uit handen te geven of degene die
zorg nodig heeft op te laten nemen in een verpleeghuis. Want: “wie kan beter
voor hem zorgen dan ik” zegt één van de geïnterviewden zo treffend. De
afhankelijkheid van anderen wat vaak maakt dat je veel tijd kwijt bent aan het
wachten op de thuiszorg of de taxi. Geen tijd meer hebben voor je hobby’s of
vrienden of geen tijd willen vrijmaken omdat je je schuldig voelt als je iets
leuks gaat doen terwijl de ander dat niet kan.
Dit en vele dilemma’s komen in de gesprekken die ik gevoerd heb met
mantelzorgers of ex-mantelzorgers naar voren. De interviews laten zien dat
mantelzorgers veelal sterke mensen zijn of worden naar aanleiding van de zorg
die gegeven moet worden. Maar ook dat de broodnodige steun vaak ontbeert wordt.
Het zijn ‘maar’ zeventien verhalen van de vele verhalen die verteld kunnen
worden. Ik verwacht dat de verhalen voor degene die nu mantelzorg verlenen
herkenning en erkenning zullen bieden. Ik hoop dat de verhalen hun naaste
omgeving aan het nadenken zal zetten. Nadenken over de vragen: Ben ik er wel
voor de ander? Vraag ik wel eens hoe het met hen gaat? Bied ik wel eens aan om
op te passen zodat iemand even iets anders kan doen dan zorgen? Duidelijk
blijkt uit de verhalen dat de naaste omgeving op een gegeven moment afhaakt.
Het wordt stil om de mantelzorger sociale contacten worden steeds minder.
Mantelzorg, de gewoonste zaak van de wereld, maar is het wel zo gewoon?
Cornelie van Well
Reageren? Opmerkingen? Ga naar het
forum!
naar boven
|