Resencie Synthese
Tijdschrift voor
hulpverlening, therapie en geestelijk werk.
Lente 2004
Dit boek werd vorig jaar geschreven in opdracht van Ypsilon en ter gelegenheid
van de Nationale dag voor de Geestelijke Volksgezondheid, waarvan het thema dat
jaar schizofrenie was. Het boek bevat 15 interviews met familieleden en mensen
uit de directe omgeving van schizofrenie patiënten.
De auteur, die naast haar praktijk voor levensvragen en haar opleiding tot
humanisticus, ook zelf ervaringsdeskundige is vanwege een naast familielid,
schrijft zeer empatisch vanuit het ik-perspectief van de direct betrokken
familieleden of partner. Het maakt de lezer duidelijk met welke dilemma’s,
zorgen, angsten, frustraties deze leven als een kind, ouder of partner de
ziekte schizofrenie blijkt te hebben.
Er wordt gesproken over de fasen van rouw die je als meest nastaande doormaakt
als de ziekte een onontkoombaar feit blijkt te zijn. Echter doordat ontkenning
van de ziekte door de patiënt een bekend gegeven is, blijft men vaak met de
vraag zitten wat je doormaakt als je het zelf zou zijn die moet erkennen deze
ziekte te hebben.
In bijna alle verhalen zijn verschillende stadia te herkennen:
-
Het stadium van de moeilijke, lastige. onhandelbare puber. Als ouder blijf je,
vaak tegen beter weten in, geloven dat het alleen maar de puberteit is en het
vanzelf wel over zal gaan.
-
Dan komt de tijd dat het steeds slechter gaat. De school of studie lukt niet
meer en het gedrag wordt vaak steeds asocialer.
-
Vervolgens is er de fase dat je als ouder uiteindelijk naar de hulpverlening
stapt, waarvan je veelal van een koude kermis thuiskomt omdat je niet serieus
genomen wordt.
-
Als dan de psychotische fase zich aandient wordt vaak geen hulp geboden als de
situatie niet levensbedreigend is. Je mag als ouder dan nog van geluk spreken
als je kind ertoe over te halen is zich vrijwillig te laten opnemen.
-
Als dan door een psychiater de diagnose schizofrenie gesteld wordt is er dat
zeer dubbelzinnige gevoel van opluchting enerzijds dat de ziekte een naam heeft
en anderzijds het gevoel van ongeloof en verbijstering.
-
Maar ook na de opname en behandeling blijven de problemen. Vaak wordt er na
enige tijd met de medicatie gestopt en begint alles weer van voren af aan.
In veel van de verhalen wordt geklaagd over de falende hulpverlening. Er wordt
onvoldoende geluisterd of men wordt niet genoeg bij de hulpverlening betrokken.
Het gevolg is vaak dat de familie met de brokken blijft zitten of als lastig
bestempeld wordt. Ook kunnen gezinsleden in een sociaal isolement terecht komen
omdat de omgeving weinig of geen begrip toont. Moeders horen nogal eens het
verwijt dat zij hun kind teveel verwend hebben of dat zij te koud, te
afstandelijk zijn geweest.
Een ander probleem kan zijn dat de overige kinderen in het gezin tekort komen
aan aandacht en zorg. De zieke persoon is steeds bet onderwerp van gesprek. Het
is daarom goed om in de verhalen van broer, zus van… te lezen hoe zij dit
ervaren hebben.
Schrijnend zijn ook de verhalen over hoe het was om kind te zijn van een
psychotische vader of moeder Of de verhalen van relaties die stuk dreigen te
lopen, de vervreemding die ervaren wordt als je voor het eerst in een
psychiatrische kliniek komt, de ontmoeting met je kind waar je geen contact mee
kunt maken omdat die opgesloten zit in zijn/haar eigen wereldje.
Een ander aspect dat belicht wordt in de verhalen is het onvermogen van de
patiënt voor een goede zelfzorg, het komen in grote schulden door wanorde van
de financiën, het niet in staat zijn tot werkzaamheden, daardoor geen
dagstructuur hebben. Soms ook geen zin in het leven meer zien en er een eind
aan willen maken. Ook dit geeft weer nieuwe spanning en angst.
Echter, ondanks alle ellende die beschreven wordt eindigen de meeste verhalen
toch min of meer positief. Niet omdat de ziekte genezen is, maar omdat er bij
de familie, na een lange en moeizame strijd, een zekere mate van aanvaarding
gekomen is.
Na deze vijftien verhalen bevat het boek een uitgebreid hoofdstuk dat
verhelderende uitleg en informatie verschaft over de vele aspecten van
schizofrenie en (vooral) het omgaan daarmee.
Tot besluit een handige en uitgebreide adressenlijst van stichtingen en
verenigingen op dit gebied met een korte beschrijving van waarvoor zij staan.
Dit boek zal uitermate herkenbaar zijn voor een ieder die in zijn (directe)
omgeving met schizofrenie te maken heeft, maar ook zeer lezenswaardig voor
anderen, al was het maar om (meer) begrip te krijgen voor al die familieleden
van schizofrenie patiënten die dat juist zo nodig hebben.
drs. H.M. Stafleu en J.D. de Langen
naar boven
|