Voorwoord
Alchemisten probeerden lange tijd onedele metalen, zoals lood, om te zetten naar
goud. Voor deze transformatie probeerden ze de ‘steen der wijzen’ te vinden.
Deze alchemisten waren volgens Jung eigenlijk bezig met
bewustwording. Zij zochten niet naar goud zelf, maar naar het gouden inzicht.
De zestien mensen van wie het levensverhaal in dit boek staat hebben lood om
kunnen zetten naar goud. Dat transformatieproces is vaak een proces van jaren
en goud was in eerste instantie niet hetgeen waar ze naar op zoek waren. Ze
waren op zoek naar goede hulp en steun. Voor de een was het gemis aan goede
steun de reden om op zoek te gaan naar het goud. Voor de ander was juist het
ervaren van de warmte van geboden steun de reden om die ervaring te gebruiken.
Wat voor alle zestien mensen die ik geinterviewd heb geldt, is dat ze zich
bewust zijn van de steun die zij kunnen geven naar aanleiding van de door hen
ervaren loodsituatie. Tot dit inzicht komen is als het vinden van goud!
De mannen en vrouwen die ik heb geinterviewd hebben allemaal een ingrijpende
levenservaring meegemaakt. Ervaringen waar ze geen invloed op hadden. Zij zijn
geen slachtoffer gebleven, veel hebben zichzelf nooit slachtoffer gevoeld, maar
zij hebben het inzicht gevonden, de ‘steen der wijzen’, hoe zij een ingrijpende
levenservaring op een positieve manier kunnen gebruiken.
Zij hebben dat inzicht gevonden door te vertrouwen op hun eigen kracht en door
niet machteloos toe te kijken. Die ‘eigen kracht’ is heel mooi te vinden in het
verhaal van Karima Ouchan. Karima is zo’n alchemist die een loden ervaring om
heeft kunnen zetten in goud. Zij laat zien hoe sterk iemand kan zijn die twaalf
jaar lang geïsoleerd heeft geleefd in een land en in een situatie waar zij niet
voor gekozen heeft. Haar kracht was de ‘steen der wijzen’ die de alchemisten
nodig hadden voor het transformatieproces van lood naar goud. Zonder haar
innerlijke kracht, al heel jong zichtbaar bij Karima, was zij nu niet de vrouw
die jonge allochtone meisjes helpt en ondersteunt vanuit haar eigen ervaringen.
Of neem Arno Janssen. Hij heeft zijn loodzware ervaringen met verslaving,
verblijf in een gevangenis en psychiatrische kliniek om kunnen zetten naar het
geven van hulp aan mensen die verslaafd zijn. Daarnaast geeft hij als
ervaringsdeskundige voorlichting aan jongeren op middelbare scholen. Door
middel van het vertellen van zijn verhaal geeft hij er betekenis aan maakt hij
er goud van.
Karima, Arno en de anderen van wie het levensverhaal in dit boek staan zijn
bezig met bewustwording en met zelfontwikkeling. Het zijn de mensen die in lijn
met de woorden van Thomas á Kempis ‘Wees van uzelf
de meester en niet de slaaf’ zelf het initiatief hebben genomen om het er niet
bij te laten zitten. Zij hebben de loden ervaring om kunnen zetten naar goud.
In de verhalen kunt u lezen dat het veel bevrediging geeft om je te realiseren
dat de ervaring op een positieve manier te gebruiken is om anderen tot steun te
zijn. Het geeft zin aan het heftige of moeizame verleden en daar putten mensen
kracht uit voor de toekomst.
Met dit boek verwacht ik mensen te bereiken die in een loden situatie zitten. Ik
hoop dat zij zich realiseren dat ze niet in het lood hoeven te blijven, maar
dat ze goud kunnen maken.
Maar hoe sterk de mannen en vrouwen ook zijn die ik gesproken heb, ze kunnen het
niet alleen. Vaak hadden ze gevraagd of ongevraagd hulp vanuit hun directe
omgeving of organisaties die mee wilden helpen om ‘iets’ op te starten. De ene
keer gebeurde dat al tijdens de periode die ik lood noem. De andere keer had
men het goud al gevonden, maar kon het goud nog niet tot glinstering worden
gebracht. De verhalen zijn heel divers met één belangrijke overeenkomst en dat
is dat zij geen slachtoffer zijn maar helden!
Zij zijn de alchemisten die van lood goud hebben kunnen maken.
Ik heb dit boek ook niet alleen, zonder hulp geschreven. Ik wil dan ook eindigen
met alle mensen die mij geholpen hebben te bedanken. Maar vooral natuurlijk de
zestien mensen die mij hun vertrouwen gaven dat ik hun verhaal op een integere
manier zou gebruiken.
Cornelie van Well
C.G. Jung (1875 – 1961) heeft onder andere gezocht naar de
psychologische implicaties van de alchemie.
Thomas á Kempis was schrijver en Augustijner kanunnik. Hij
leefde van 1380 tot 1471.
naar boven
|